Je gebruikt de functie aangepaste CSV‑export wanneer je:
gegevens wilt exporteren in een formaat dat aansluit op de vereisten van je financiële systeem
alleen de kolommen wilt selecteren die je nodig hebt (minder ruis, meer overzicht)
kolommen wilt hernoemen zodat ze overeenkomen met veldnamen in een extern systeem
Stapsgewijs: Aangepaste CSV‑export inschakelen en gebruiken
Stap 1: Schakel de functie in via rolrechten
Ga naar Systeeminstellingen.
Navigeer naar Rollen.
Selecteer de relevante gebruikersrol (bijv. Support Analist of Financieel team).
Zoek de privilege Aangepaste CSV en schakel deze in.
Klik op Rol bijwerken.
Stap 2: Open de instellingen voor CSV‑export
Ga naar Systeeminstellingen.
Zoek naar Aangepaste CSVs.
Selecteer de sectie en klik op de knop Aangepaste CSV toevoegen.
Stap 3: Kolommen kiezen die je wilt opnemen
Je ziet een lijst met beschikbare gegevensvelden.
Selecteer de velden die je wilt gebruiken naast de kolommen die je in je export wilt opnemen. Voorbeelden: Factuurnummer, Klantnaam, Nettobedrag, Btw, enzovoort.
Je kunt de volgorde van de kolommen wijzigen indien nodig, bijvoorbeeld om deze compatibel te maken met je financiële systeem.
Stap 4: Kolommen hernoemen
Voor elke geselecteerde kolom kun je een aangepaste naam invoeren.
Dit is handig wanneer je de naamgeving wilt laten aansluiten op de conventies van een extern systeem.
Voorbeeld: Hernoem “Net Amount” naar “Subtotaal”.
Stap 5: Je configuratie opslaan
Wanneer je alle kolommen en namen hebt ingesteld, klik je op Bewaar.
Je instellingen worden voortaan gebruikt voor alle toekomstige exports die dit formaat gebruiken.
Stap 6: Gegevens exporteren
Ga naar Systeeminstellingen.
Ga naar Export gegevens.
Kies de gewenste sectie en klik op Exporteren .
Het systeem genereert vervolgens een CSV‑bestand op basis van jouw opgeslagen configuratie.


